Deelschoolsites dr. Aletta Jacobs College Algemeen dr. Aletta Jacobs College Beveiligde docentensite dr. Aletta Jacobs College Bovenbouw HV dr. Aletta Jacobs College Bovenbouw VMBO BB/KB dr. Aletta Jacobs College Intranet dr. Aletta Jacobs College Onderbouw h/v dr. Aletta Jacobs College Onderbouw VMBO dr. Aletta Jacobs College Praktijkonderwijs dr. Aletta Jacobs College VMBO T
Naam Wachtwoord - Logingegevens kwijt?

Begin > dr. Aletta Jacobs College Algemeen > Algemeen > Regelingen, statuten en protocollen > Pestprotocol >
Pestprotocol
PESTPROTOCOL   DR. ALETTA JACOBS COLLEGE
Maart 2012

De school moet een veilige omgeving voor leerlingen zijn. Pesten hoort daar niet bij. Alle medewerkers, directie, leerlingen en ouders hebben hun eigen verantwoordelijkheid bij het voorkomen en tegengaan van pesten.
In dit protocol staat hoe pesten wordt voorkomen en hoe pesten wordt aangepakt op school. Dit protocol is kaderstellend en wordt door de afzonderlijke deelscholen met specifieke handelingen en afspraken ingevuld.
  1. Visie van de school op pesten
Het dr. Aletta Jacobs College is een veilige school, waarin het prettig leren en verblijven is, met een pedagogisch klimaat waarin vertrouwen in het kunnen van de leerling voorop staat, en de leerling wordt aangesproken op datgene wat hij kan.
Uitgangspunten voor dit protocol zijn:
  1. Veiligheid en geborgenheid is een absolute voorwaarde om tot leren te komen. Dat betekent dat de school actief is in het scheppen van een veilige schoolomgeving. In een dergelijke omgeving hoort pestgedrag niet thuis. Binnen alle deelscholen heerst een pedagogisch klimaat waarbij pesten niet wordt geaccepteerd. Alle deelscholen onderschrijven daarmee dit protocol. De wijze van uitvoering kan verschillen.
  2. Pesten wordt als probleem gezien door alle betrokken partijen: docenten, onderwijsondersteunend personeel, directie, ouders en leerlingen.
  3. Docenten en onderwijsondersteunend personeel kunnen pestgedrag signaleren en vervolgens duidelijk stelling nemen tegen het pesten.
  4. Dit pestprotocol bevat afspraken over de preventieve en directe aanpak ten aanzien van pesten.
  5. Bij de preventieve en directe aanpak van pestgedrag gaat Aletta uit van een goede samenwerking tussen ouders, medewerkers en leerlingen.
 
  1. Definiëring van pesten
We spreken van pestgedrag als dezelfde leerling regelmatig en systematisch psychisch en/of fysiek bedreigd, geïsoleerd en geïntimideerd wordt. Pesten is een vorm van geweld en daarmee grensoverschrijdend en zeer bedreigend. Het slachtoffer loopt hierbij ernstige psychische of fysieke schade op.
Bij pesten is het ene kind sterker en het andere kind zwakker. Het is steeds hetzelfde kind dat wint en hetzelfde kind dat verliest. Vaak gebeurt pesten niet één keer, maar is het gepeste kind steeds weer de klos. Het sterkere kind; de pester, heeft een grotere mond en anderen kijken tegen hem of haar op. De pestkop heeft geen positieve bedoelingen; wil pijn doen, vernielen of kwetsen. Het gepeste kind voelt zich eenzaam en verdrietig, hij of zij is onzeker en bang.
  1. Verschil tussen plagen en pesten
    Plagen mag wel, pesten niet. Plagen gebeurt over en weer zonder kwade bedoelingen. Plagen wordt pesten wanneer de ander zich daarbij onveilig voelt.
  2. Welke rollen zie je bij pesten?
    Bij pesten denk je vaak alleen aan de pestkop en degene die gepest wordt. Maar als er gepest wordt, heeft iedereen in de klas ermee te maken. Alle leerlingen in de klas hebben in hun rol invloed op het pesten. Ook ouders en leerkrachten hebben invloed op het pesten.
    De verschillende rollen op een rij:
De Pester; Is vaak onzeker en wil graag aardig en stoer gevonden worden. Denkt  door te pesten dat iedereen hem/haar grappig vindt.
De Gepeste; Voelt zich vaak verdrietig en eenzaam. Durft vaak niets terug te doen of het te vertellen, is bang dan nog meer gepest te worden.
De Meepester; Doet mee met pesten, denkt dat hij/zij er dan bij hoort. Is bang om zelf gepest te worden.
De Helper; Neemt het op voor de gepeste. Vindt het niet goed dat er gepest wordt en is niet bang voor de pester. Helpt graag en is daarom vaak populair.
De Stiekemerd; Vindt het goed dat er gepest wordt, maar bemoeit zich er niet mee. Is bang om zelf gepest te worden. Roept anderen erbij om het pesten te steunen.
De Buitenstaander; Denkt dat er in de klas niet gepest wordt en het kan hem/haar ook niets schelen. Zolang hij/zij er zelf maar geen last van heeft.
De Stille; Bemoeit zich er niet mee. Vindt het pesten wel gemeen, maar durft niets te doen of te zeggen, is bang zelf gepest te worden.
Ouders; hebben in de opvoeding invloed op het pesten.
De leerkracht; heeft in zijn/haar doen en laten invloed op het pesten.
 
  1. Manieren van pesten
Met woorden:             vernederen, belachelijk maken, schelden, dreigen, met bijnamen aanspreken, gemene briefjes, mailtjes, sms-jes schrijven.
Lichamelijk:                trekken aan kleding, duwen en sjorren, schoppen en slaan, krabben en aan haren trekken, wapens gebruiken.
Achtervolgen:             opjagen en achterna lopen, in de val laten lopen, klem zetten of rijden, opsluiten.
Uitsluiting:                   doodzwijgen en negeren, uitsluiten van feestjes, bij groepsopdrachten.
Stelen en vernielen:    afpakken van kledingstukken, schooltas, schoolspullen, kliederen op boeken, banden lek prikken, fiets beschadigen.
Afpersing:                   dwingen om geld of spullen af te geven, het afdwingen om iets voor de pestende leerling te doen.
 
Specifieke manieren van digitaal pesten:                
  • op of via websites  door middel van plaatsen van een advertentie, een website maken over het slachtoffer, het kraken van een homepage of weblog, het online bestellen van producten voor iemand anders, op profielsites of weblogs vervelende reacties naar de maker sturen, speciale treitersites inzetten.
  • Via e-mail door middel van e-mails versturen onder een valse naam, mails sturen naar het slachtoffer met bijvoorbeeld een uitnodiging voor een fictief feest, inbreken op iemands account en uit naam van die persoon vervelende e-mails versturen naar zijn contactpersonen, virussen versturen, zogenaamde e-mailbommen sturen, versturen van enge filmpjes of foto’s.
  • Via mobiele telefoon, SMS, MMS.
  • Via MSN, Chat, Messengers.
  • Via webcam.
  • Ook als dit buiten de school tussen leerlingen plaatsvindt treedt de school hier tegen op.
 
 
  1. Preventie en maatregelen
 
 Het dr Aletta Jacobs College verbindt zich aan de ‘Vijfsporenaanpak’ uit het ‘Nationaal onderwijsprotocol’.
 
Dat houdt in:
 
  1. Preventie:       De algemene verantwoordelijkheid van de school
  • De school zorgt dat de directie, alle medewerkers voldoende informatie hebben over het pesten in het algemeen en het aanpakken van pesten en gehouden zijn daar werk van te maken.
  • De school werkt aan een goed beleid rond pesten, zodat de veiligheid van leerlingen binnen de school zo optimaal mogelijk is.
  1. Actie:              Het bieden van steun aan de jongere die gepest wordt
  • Het probleem wordt serieus genomen.
  • Er wordt uitgezocht wat er precies gebeurt.
  • Er wordt overlegd over mogelijke oplossingen.
  • Het aanbieden van hulp door een deskundige.
  1. Reactie:          Het bieden van steun aan de jongere die pest
  • Het confronteren van de jongere met zijn gedrag en de gevolgen hiervan.
  • De achterliggende oorzaken boven tafel proberen te krijgen.
  • Wijzen op het gebrek aan empathisch vermogen dat zichtbaar wordt in het gedrag.
  • Het aanbieden van hulp door een deskundige.
  1. Het betrekken van de klas bij het probleem
  • De mentor bespreekt met de klas (de zwijgende middengroep) het pesten en benoemt de rol van alle leerlingen hierin.
  • Er wordt gesproken over mogelijke oplossingen en wat de klas kan bijdragen aan een verbetering van de situatie. De mentor komt hier in de toekomst op terug.
  1. Het bieden van steun aan de ouders
  • Ouders die zich zorgen maken over pesten worden serieus genomen.
  • De school werkt samen met de ouders om het pesten aan te pakken.
  • De school geeft adviezen aan de ouders*) in het omgaan met hun gepeste of pestende kind.
  • De school verwijst de ouders zo nodig naar deskundige hulpverleners.
*)De ouders van leerlingen die gepest worden hebben er soms moeite mee, dat hun kind aan zichzelf zou moeten werken. Hun kind wordt gepest en dat moet gewoon stoppen. Dat klopt, het pesten moet stoppen. Echter een gepest kind wil zich niet alleen veilig voelen op school; het wil ook geaccepteerd worden. Het verlangt ernaar om zich prettig en zelfverzekerder te voelen. Daar kan begeleiding of een training aan bijdragen.
 
  1. Stappenplan in geval van pesten
  • Het pestgedrag wordt gemeld bij de mentor/teamleider.
  • De mentor gaat in gesprek met de betrokken leerlingen en informeert de teamleider.
  • De mentor maakt afspraken met de betrokken leerlingen en meldt dit in het leerlingvolgsysteem. De mentor maakt afspraken voor vervolggesprekken.
  • De mentor gaat zo nodig in gesprek met de klas.
  • De ouders van betrokken leerlingen worden geïnformeerd, zeker bij herhaling.
  • Bij herhaling volgen maatregelen voor de pester, bijvoorbeeld in de vorm van een pestcontract, sancties op school of schorsing.
 



<< vorige

dr. Aletta Jacobs College 2019 disclaimer